Privé bankje
Afbeelding

Vijfletterwoord gevierendeeld

Een bankje dat niet openbaar toegankelijk is en op eigen grond staat kun je privé noemen. Maar hoe maak je dat kenbaar als dat bankje geen rugleuning heeft waarop je een bordje kunt vastmaken en dat ook nog eens dwars op de openbare weg staat? In dit geval bood de kopse kant van de vier balken soelaas. Alleen heb je dan een letter teveel (of een balk te weinig), dat is jammer. Het moet dus maar zo: de I is de smalste van het stel, die moet een balk delen met de R. Ook weer opgelost. Grappig genoeg is toch geprobeerd een soort spatiëring aan te brengen, want alleen de V staat precies midden op de balk geschilderd. Ja kijk, als je daaraan begint dan moeten de R en de I toch ook echt wat meer afstand van elkaar nemen.

Omringdijk bank met tekst
Afbeelding

Geen dijk van een huisstijl

De Westfriese Omringdijk is in het bezit van een eigen huisstijl, bestaande uit: “… een beeldmerk, een eigen lettertype en verschillende stijlelementen die worden ingezet om te bouwen aan de Westfriese Omringdijk als sterk merk.” (NMF Erfgoedadvies).

Aha, een dijk met een eigen lettertype, dat werd toegepast op diverse objecten langs de dijk, zoals bovenstaande zitbank, voorzien van uitstekende bouten in je rug en een gedicht. Zijn teksten in dit lettertype, dat op de bankjes uitsluitend in kapitaal wordt gebruikt, leesbaar of hebben ze eigenlijk ondertiteling nodig? Knap wie op bovenstaande foto meteen het verschil tussen de D en de O weet te onderscheiden in het woord ‘oord’.

Rond 1200 was Noord-Holland door de invloed van wind en water een eilandenrijk geworden. Rondom Westfriesland vormden de dijken in de tweede helft van de 13e eeuw één geheel: de Westfriese Omringdijk. Deze dijk is de enige ringdijk uit deze tijd die nog nagenoeg intact is.

– Provincie Noord-Holland

Onleesbaar freeswerk

Tekstbord op de Omringdijk

Welke positie je ook inneemt tegenover dit tekstbord op de dijk: het blijft onmogelijk te ontcijferen wat erop staat, door een combinatie van het tegenwoordig zo populaire geroestte cortenstaal, de uitgefreesde letters en uiteraard die verdraaide huisletter. Ze hadden beter alleen een QR-code neergezet met een verwijzing naar een pagina op de website. Daar is de huisstijl zo te zien al goeddeels aan de dijk gezet. Maar ja, die objecten buiten, die blijven nog wel even staan.

Inklapbaar gevelbankje
Afbeelding

Ophaalbankje

In de omgeving zijn nog behoorlijk wat klassieke houten gevelbankjes aan de huizen te vinden. In zijn simpelste vorm bestaat zo’n bankje uit twee planken in een hoek van 45 graden. Meer gangbaar is een metalen poot met een houten plank, zoals ook die voor de deur van het redactielokaal (zie de foto onder dit bericht). Soms is het bankje verwerkt in een leuning naast de voordeur, meestal op een verhoogde opgang. In Amsterdam is dat op de grachten de regel, hier zijn ze in de minderheid.

Waar vaste bankjes aan de huizen zitten is doorgaans sprake van het zogeheten stoeprecht, waarbij het bankje op een stoep staat die eigendom is van de bewoner, niet van de gemeente (zie hiervoor ook het bericht De stratenmaker signeert altijd tweemaal). Bewoners kunnen zelf bepalen wat ze op hun stoep zetten. Waar een bankje op het gemeentelijke trottoir staat is een inklapbaar model een vereiste, aangezien anders het voetpad zou worden geblokkeerd (kennelijk is dat geen bezwaar als het in gebruik is). Vandaar een ophangmodel, dat als een ingeklapte strijkplank aan de wand hangt. Gek genoeg worden geen van de modellen bankjes veel gebruikt, alleen toeristen doen dat weleens, voornamelijk om een foto te maken. De meeste mensen zetten een wat luxere (tuin)bank neer.

Vaste gevelbank
Vast bankje met metalen poot