Waarschuwing schrikdraad
Afbeelding

Schrikdraad spanningsboog

Bordjes die waarschuwen voor een aangebrachte schrikdraad zijn er in vele soorten en maten, maar altijd wordt de bliksemschicht gebruikt om het gevaar van een elektrische schok aan te duiden. Voss.farming gebruikt er maar liefst drie en een vlakke hand die de draad aanraakt, wat niet erg natuurlijk oogt. Fijn dat het bordje het woord schrikdraad in tien talen voor ons vertaald, misschien voor de mensen die het beeld niet kunnen plaatsen.

Die vlakke hand en de drie bliksemschichten in het ontwerp zijn trouwens schering en inslag. Deze bordjes werden gesignaleerd op een afzetting voor een schapenkudde in de duinen:

De firma Voss.farming maakt 9 Volt en 12 Volt uitvoeringen van de schrikdraad. Dat betekent dat wordt gewerkt met een accu. In Engeland kun je regelmatig installaties van 110 Volt tegenkomen en in Nederland kan prima van 230 Volt netspanning gebruik gemaakt worden. Op de schrikdraad kan uiteindelijk wel tot 10.000 Volt komen te staan (afhankelijk van de weerstand Ω neemt de spanning over de afstand af). Dat de spanning zo hoog is maakt niet zoveel uit, aangezien de tijdsduur tussen elke impuls minimaal 1,2 seconden is, dat is het tikken van het apparaat wat je soms hoort. Genoeg reactietijd om het contact met de afrastering te verbreken voordat de volgende impuls komt en dat is waarom een elektrische afrastering ongevaarlijk is voor mens en dier, zegt men. Niettemin heeft De Balk een keer in Engeland een wandelschoen op een schrikdraad gezet wat een dreun veroorzaakte die nog langdurig in de maagstreek werd gevoeld. Dat was destijds overigens in de overtuiging dat de dikke profielzolen afdoende bescherming zouden bieden, wat natuurlijk niet het geval is.

Teken in de duinen
Afbeelding

Hekicoon duidingsprobleem

Een subtiel aangebrachte aanwijzing op het houten hek rond een uitzichtplek in de duinen. Het lijkt erop dat de tekenaar ons wil waarschuwen niet op het hek plaats te nemen.

Dat kan in bepaalde gevallen inderdaad onverstandig zijn, om uiteenlopende redenen. Sommige hekken zijn niet sterk genoeg en je zou in de duindoorn kunnen belanden beneden, voorwaar geen pretje met die stekels. Maar zoals gezegd, lijkt. Want je kunt je net zo goed voorstellen dat de auteur het geen goed idee vindt hier te gaan hoepelen. Of juist wél. Er staat geen diagonale balk door de afbeelding en de lijn achter het plaatje kan ook aangeven dat de activiteit tot een verhoogde hartslag of spanning leidt. Dit is het punt waar de trap naar het plateau begint. Dus het zou mogelijk ook nog een aanwijzing kunnen zijn niet van deze leuning proberen te glijden: je ontmoet dan onherroepelijk de metalen bouten of het paaltje op je weg, wat een pijnlijke affaire kan worden. Lang niet eenvoudig, het duiden van zelfbedachte pictogrammen.

Lastdrager uitwateringslijnen oftewel Plimpsollmerk
Afbeelding

Lastdrager uitwateringslijnen

De Lastdrager 26, een zeewaardig pontonschip van Van der Wees, 66 meter lang, ligt in de haven met een flinke rol kanariegele kabel op het dek, bestemd voor de aanleg van een nieuw windpark bij Friesland. Een imposant gezicht, maar daar gaat het nu even niet om. Op de zijkant van het ponton staan tekens en letters die de aandacht vragen. Waarvoor dienen die? Dit is het Plimpsollmerk, met de uitwateringslijnen die aangeven wat de maximale diepgang (en dus daarmee maximale belading) in bepaalde situaties mag zijn. De L en de R staan niet voor links en rechts… dit is de betekenis van de aangebrachte letters:

  • T – tropen zeewaterlijn
  • Z – zomer zeewaterlijn (de lijn gaat eveneens door het middelpunt van de cirkel).
  • W – winter zeewaterlijn
  • WNA – winter zeewaterlijn voor de Noordatlantische Oceaan. Bevindt zich vlak onder W.
  • TZW – tropen zoetwaterlijn
  • ZW – zomer zoetwaterlijn
    De afstand tussen Z en ZW is de extra inzinking die het schip in het lichtere zoetwater krijgt. Op een rivier kan men daarom veelal tot dit ZW-merk laden, daar het schip tot het zomermerk opkomt als het de riviermond heeft verlaten.
  • LR – Deze letters naast de ring en boven de middellijn vormen de afkorting voor Lloyd’s Register. Wanneer de berekening van de uitwatering door de Scheepvaartinspectie is gedaan, worden de letters S en I geplaatst.
Bordje brandmelding op muur
Afbeelding

Brandmelding aan huis

Eerder op De Balk ging het over de aanwijsbordjes voor brandkranen die je op straat kunt vinden (zie: ‘Aanduiding’ en ‘Voorloper’). Dit fraaie bordje op de gevel van een woonhuis ligt in het verlengde daarvan, maar kom je beduidend minder vaak tegen. Hier kon je vroeger een lokale brand melden. Waarschijnlijk had dit huis (centraal gelegen in het dorp) een brandmelder of woonde er iemand van de (vrijwillige) brandweer die de functie van brandwacht had. Het bordje zit er al een krappe eeuw, is de schatting. De belettering doet denken aan de de tijd van de Amsterdamse School, maar het zou ook wat later geweest kunnen zijn.

Bordje brandwacht op muur
Bordje brandwacht op muur

Naast brandmelding is het mogelijk bordjes met ‘brandmeester’ en ‘brandwacht’ op woonhuizen tegen te komen. Vroeger kregen leden van de vrijwillige brandweer namelijk zo’n bordje bij indienstreding mee naar huis (bovenstaand bordje is ruim 50 jaar oud, werd De Balk verteld). Bij deze brandwacht hing binnen vroeger ook een brandmeldknop.

Brandmelders en brandkranen op straat

Brandmelder voor kazerne Victor in de Dapperstraat Amsterdam
Brandmelder voor kazerne Victor in de Dapperstraat Amsterdam

Met name in de grote steden stonden tot de jaren zestig vorige eeuw politie- en brandmelders op straat. Achter een ruitje zat een knop waarmee de hulpdiensten direct konden worden gealarmeerd. Toen steeds meer mensen een telefoonaansluiting kregen verdwenen ze langzamerhand uit het straatbeeld. Meestal stonden de meldpaaltjes nog geruime tijd werkeloos op straat, waarvan de ruitjes doorgaans waren vernield (en de knop niet meer werkte).

Op het dorpsplein van Sloten staat een mooi gerestaureerd exemplaar in de publieke ruimte. Ook bevindt zich een exemplaar (‘De rode wachter’) in de collectie van Museum Het Schip en staat een fraai exemplaar voor kazerne Victor in de Dapperstraat. Soms tref je nog ergens een oude bovengrondse brandkraan (van het type ‘mannetje’) aan.

Paaltje P.E.N. kabel kruising
Afbeelding

Betonvraat op ramkoers

Vroeger werden als plaatsaanduiders voor zaken als kabels en leidingen enige tijd betonnen paaltjes gebruikt (met aan de waterkant voorzien van een K (kabel) of Z (zinkbuis), voor de scheepvaart). De Balk schreef al eerder over het fenomeen. In dit geval ligt onder de dijk van het Vest bij de Omgelegde Burgwal kennelijk een kruising van twee elektriciteitskabels van de vroegere P.E.N., tegenwoordig opererend onder de naam Liander. Het woord kruising en een pijl naar beneden werden op het paaltje geaccentueerd met rode verf.

Betonnen aanduidingspalen met Z (zinkbuis) en onleesbaar
Betonnen aanduidingspalen met Z (zinkbuis) en onleesbaar

Deze paaltjes zijn waarschijnlijk al lang niet meer noodzakelijk (dit soort zaken zal inmiddels in een bestand met GPS-coördinaten staan), maar weggehaald worden ze ook niet. Dit paaltje lijkt te zijn afgekloven door een wild beest, maar dat is in dit geval een motormaaier die eens in de zoveel tijd tegen het paaltje aanrijdt. Langzaam werd het daardoor in een toren van Pisa-stand geduwd. De gemeente laat hier maaien met een robot maaimachine, de zogeheten ‘Robocutter’. Er loopt iemand naast met een afstandsbediening, maar de besturing gaat nog weleens mis. Bovendien is de begroeiing in het voorjaar zo hoog dat het paaltje geheel aan het zicht wordt onttrokken.

Robocutter maaimachine
Robocutter maaimachine
Aanduiding van voormalige brandkraan
Afbeelding

Voorloper

Op deze plek zit of zat een brandkraan, waarvan het oude bordje is blijven hangen. Dit type was de voorloper van de moderne aanwijsplaten waar De Balk eerder een bericht aan wijdde. Goed beschouwd was een verbeterde versie van het bordje wel op zijn plaats, want waar bevindt die kraan precies ten opzichte van het bordje? Als het goed is op 2,35 m voor de gevel, aangenomen mag worden recht voor de pijl. In elk geval geeft het bordje tenminste een afstand, er bestonden er ook met enkel een pijl.

Oude brandkraanaanwijzer onder vensterbank
Oude brandkraanaanwijzer onder een vensterbank

Bovenstaande foto een zelfde type plaatje, maar met iets modernere cijfers, aangetroffen onder een vensterbank.

Oud aanwijsbordje brandkraan
Oud aanwijsbordje brandkraan

Een wat ouder exemplaar, waarop een ander lettertype werd gebruikt en er een punt in het getal werd geplaatst.

Water

Dit soort emaille bordjes werd niet alleen voor brandkranen gebruikt. Er bestaat ook een blauwe uitvoering voor de waterleiding, het is alleen niet helemaal duidelijk waar de S voor staat. Er bestaat ook een versie met de letter A, dat zal een afsluiter zijn. Hier slechts een pijl die hooguit in een richting wijst, zonder een afstand tot het bordje te vermelden.

Voordat het tot het huidige bordje met de T-vorm kwam was er nog een tussenvorm van een emaille bordje, met de T, pijlen én afstanden.

Oud brandkraanbordje B. 4
Oud brandkraanbordje B. 4
Vormgeving van aansluitpunten stadsverlichting
Afbeelding

Historisch

Twee monumentale panden hebben een ingewikkelde relatie met elkaar op het gebied van elektriciteit en de bekabeling van de stadsverlichting. Die loopt hier, op z’n Engels, deels over de buitengevel, waarbij dan ook nog twee kabels die bij 113 beginnen, achter de regenpijp langs (die niet helemaal goed aansluit – puntje van aandacht) naar nummer 115 lopen. Niet vreemd dat de twee verdeeldoosjes op de muur gemarkeerd zijn (zoals ook elders in de straat). In een historisch ‘verantwoord’ lettertype, met de hand aangebracht.

Op die van nummer 113 staat ‘a.s.P.09’, op de ander ‘3638’. Het is begrijpelijk dat alle lichtpunten en palen een nummer hebben in de gemeentelijke administratie. Maar waar staat a.s.P. voor en waarom een hoofdletter P en kleine letters a en s? Misschien is er hier sprake van een speciale situatie? Elders in de straat zijn kastjes te vinden met a.s.n.04 en a.s.n.05.